|
|
Begrippen huizen N-Z |
| |
| NAP |
Normaal Amsterdams Peil, denkbeeldig horizontaal vlak over het hele land, vastgelegd in geregistreerde meetpunten. Vanuit het NAP wordt de hoogte van bouwwerken bepaald. |
| NEN |
Nederlandse Norm. Vastgesteld door de Nederlands Normalisatie Instituut (NNI). Het bouwbesluit verwijst naar veel van deze NEN-normen. |
| Nabestaandenlijfrente |
Lijfrenteverzekering waarvoor premie-aftrek mogelijk is. Voorwaarde is dat de verzekering recht geeft op een periodieke uitkering (lijfrente) die direct ingaat bij het overlijden van de verzekerde. Bij begunstiging aan een direct familielid (bijv. kind, klein- of pleegkind, broer, zuster) moet een tijdelijke lijfrente uiterlijk eindigen zodra de begunstigde 30 jaar wordt. Voor begunstiging aan de huwelijkspartner en anderen buiten de directe familiekring geldt deze beperking niet |
| Nalatenschap |
Datgene dat iemand achter laat na z`n overlijden: z`n bezittingen verminderd met z`n schulden. |
| Nationale Hypotheek Garantie (NHG) |
Borg of garantstelling die door het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) wordt afgegeven voor een hypotheek. Voor het bedrag van de borgstelling kan de koper altijd een hypotheek afsluiten. Het inkomen van de koper, de lening en de woning moeten voldoen aan de normen van het WEW. De aanvraag loopt via de geldverstrekker of de tussenpersoon waar de hypotheek wordt afgesloten. |
| Nationale Hypotheek Garantie (NHG) |
Borg- of garantstelling die door het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) wordt afgegeven voor een hypotheek. Voor het bedrag van de borgstelling kan de koper altijd een hypotheek afsluiten. Het inkomen van de koper, de lening en de woning moeten voldoen aan de normen van het WEW. De aanvraag loopt via de geldverstrekker of de tussenpersoon waar de hypotheek wordt aFgesloten. |
| Natrekking |
Eigendomsverkrijging van een zaak die met een andere één geheel vormt of gaat vormen. Voorbeelden: beplanting op een erf wordt eigendom van de grondeigenaar, ook al is deze door derden aangebracht. Als u een huis bouwt op grond die al in uw eigendom is, wordt dat door natrekking uw eigendom zonder dat er een akte behoeft te worden opgemaakt bij de notaris |
| Natuurlijke verbintenis |
Op iemand rust naar objectieve maatstaven een dringende morele verplichting om een ander een uitkering te doen of verzorgd achter te laten. Is niet af te dwingen, ook niet via de rechter. |
| Nederlandse Vereniging van Makelaars in Onroerende Goederen |
Landelijke organisatie van beëdigde makelaars in onroerende goederen. |
| Negatieve inkomsten eigen woning |
Voor de inkomstenbelasting wordt onder andere het huurwaardeforfait als `opbrengst eigen woning` bijgeteld. Onder andere de betaalde hypotheekrente mag hiermee worden verrekend, waardoor het saldo (de `inkomsten eigen woning`) meestal negatief uitvalt. |
| Netto maandlasten |
Het bedrag dat u maandelijks kwijt bent aan hypotheeklast minus de terug te ontvangen belasting. |
| Netto werkelijke rente |
Drukt de werkelijke kostprijs van een hypotheek uit, rekening houdend met o.a. alle kosten die de bank in rekening brengt, de verzekeringspremie en met het te verwachten fiscale effect. |
| Nibud |
Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (NIBUD) is een onafhankelijke stichting die het budgetteren propageert als hulpmiddel om de inkomsten en uitgaven binnen een particulier huishouden op elkaar af te stemmen, ook op langere termijn. |
| Niet-wijzigingsbeding |
Een hypotheekbeding waardoor de eigenaar de woning niet of niet zonder toestemming van de geldverstrekker mag wijzigen. |
| Niet-zuivering |
Een clausule in de hypotheekakte waarmee de geldverstrekker de vrijwillige verkoop van het onroerende goed kan tegenhouden wanneer de waarde waarschijnlijk niet voldoende is om de hypotheek af te lossen. |
| Nietig verklaren |
Op grond van de wet wordt een overeenkomst, vonnis, enz. buiten werking gesteld dan wel ongeldig verklaard. |
| Nominale rente |
De feitelijke marktrente, die wordt gevormd door de reële rente en het verdisconteerde inflatiepercentage. Door het verwerken in de rente van dit percentage compenseert de kredietverlener de geldontwaarding van de middelen die hij tijdelijk afstaat. |
| Notaris |
Een openbaar ambtenaar die door de overheid onder meer bevoegd is verklaard om bepaalde officiële stukken ( akten), zoals hypotheken en testamenten, op te maken. |
| Objectsubsidie |
Wordt verstrekt op grond van de kenmerken van het gebouw en niet die van de eigenaar of gebruiker. Bijvoorbeeld bereikbaarheidstoeslag. |
| Omslagheffing |
De heffing die de waterschappen opleggen aan de eigenaren van onroerende zaken om de kosten voor het kwantiteitsbeheer en de waterkering te dekken. |
| Omzettingskosten |
Ook wel: oversluitprovisie. Provisie die banken in rekening brengen bij het opnieuw afsluiten van een hypotheek (tegen een lagere rente). Als een hypotheek in een andere vorm wordt omgezet, spreekt men van omzettingskosten. |
| Onbewoonde staat |
Een huis is minder waard als het bewoond wordt dan wanneer het vrij te aanvaarden is. Dan kan de koper er immers direct zelf in gaan wonen. Vaak wordt 60% van die `vrije verkoopwaarde` aangehouden als `waarde in bewoonde staat`. |
| Onbezwaard eigendom |
Eigendom dat niet is belast met enig recht, zoals bijvoorbeeld een hypotheekrecht, een huurrecht. |
| Onderhands |
Actie zonder ambtelijke (notariële) tussenkomst. Twee partijen maken bijvoor-beeld onderling een akte op, of verkopen een zaak aan elkaar, zonder tussenkomst van een notaris |
| Onderhandse aanbesteding |
Men nodigt enige aannemers uit om een offerte te maken. |
| Onderhandse akte |
Akte die is opgesteld zonder tussenkomst van bijvoorbeeld de notaris. |
| Onderpand |
Bij een hypothecaire lening dient de onroerende zaak als onderpand. De eigenaar van het onderpand, bijvoorbeeld een huiseigenaar, is de hypotheekgever. De geldverschaffende instelling is degene die het onderpand aanvaardt, de hypotheeknemer. |
| Onderzetting |
Het beschikbaar stellen van onroerend goed als onderpand. |
| Ongebouwde eigendommen |
Niet bebouwde onroerende zaken, bijvoorbeeld een stuk bouwgrond, een perceel bosgrond, enz. |
| Onroerende zaak |
De grond en alles wat zich daarin of daarop bevindt, voor zover dat aard- of nagelvast daarmee is verbonden. Voorbeelden: bomen, vaste planten, een huis met alles wat daaraan aard- of nagelvast is verbonden of wat naar zijn aard bij het huis hoort, zoals dakpan-nen, deuren, keuken, enz |
| Onroerende zaakbelasting |
Wordt door de gemeente opgelegd aan eigenaren en gebruikers van woningen, grond en andere onroerende zaken. De onroerende zaakbelasting is gesplitst in een eigenarendeel, dat door de zakelijk gerechtigde wordt betaald en een gebruikersdeel, te betalen door de bewoner/gebruiksgerechtigde. Een eigenaar-bewoner betaalt beide delen. |
| Ontbindende voorwaarde |
Een mogelijkheid in het contract op basis waarvan de overeenkomst kan worden beëindigd. Wie gebruik wil maken van een ontbindende voorwaarde, moet dit zelf kenbaar maken aan de contractpartij. Bij de koop van een huis is het gebruikelijk om ontbindende voorwaarden op te nemen voor het verkrijgen van een passende financiering, en (indien van toepassing) voor een huisvestingsvergunning of Nationale Hypotheek Garantie. |
| Ontvankelijk |
Een klacht of protest komt in aanmerking voor behandeling door de instantie waar men zich toe wendt. |
| Onverdeelde eigendom |
De verdeling van bezittingen en schulden die gemeenschappelijk eigendom waren. Tot aan het moment van boedelscheiding is er sprake van `onverdeelde eigendom`. De boedelscheiding kan worden vastgelegd in een akte van scheiding en deling. |
| Onzuiver inkomen |
Totaal van de inkomsten, verminderd met de kosten. |
| Oorspronkelijke hoofdsom |
Het bedrag dat bij het aangaan van een hypotheek is geleend. In de loop der jaren kan de schuld dalen door aflossingen, vandaar de term `oorspronkelijke` hoofdsom. Boetevrije aflossingen zijn vaak mogelijk tot een bepaald percentage van de oorspronkelijke hoofdsom |
| Open eind clausule/constructie |
Clausule waardoor de looptijd van de hypotheek inclusief daaraan gekoppelde verzekeringen verlengd kunnen worden . |
| Openbare verkoop |
Uitvoeren van een vonnis, ook wel: executie |
| Opeten van de eigen woning |
Iemand die in de bijstand komt, moet -tot aan een bepaalde vrijstelling- zijn vermogen opmaken voordat recht op een uitkering ontstaat. Voor eigen woningbezitters geldt dit ook voor het in hun huis opgebouwde vermogen. Er is dan wel een extra vrijstelling |
| Oplevering |
Het moment waarop de ondernemer de woning `geheel gereed voor bewoning` overdraagt aan de koper. Men spreekt ook bij verbouwingen van een oplevering. |
| Opnamekosten |
Kosten die sommige banken berekenen bij een bouwfinanciering, steeds als er geld uit het bouwdepot wordt opgenomen |
| Opplussen |
Het geschikt maken van bestaande voorraad (woningen) voor groepen met specifieke woonbehoeften, zoals ouderen, alleenstaanden, enz. |
| Opschortende voorwaarde |
Voorwaarde in een overeenkomst die bepaalt dat de overeen-komst pas in werking treedt indien een bepaalde gebeurtenis zich voordoet. |
| Opstal |
Het gebouw, dus nadrukkelijk exclusief de grond. |
| Opstalverzekering |
De verzekering voor schade aan of tenietgaan van een huis, schuur, garage, enz. door bijvoorbeeld brand, blikseminslag, vandalisme. |
| Opzegtermijn |
Een hypotheek kan aan het eind van iedere rentevaste periode, bij verkoop, enz. worden opgezegd. Dit moet vaak enige tijd van tevoren worden aangekondigd. Geldt ook voor verzekeringen. |
| Oriëntatie-opdracht |
Men geeft een makelaar of bemiddelaar de opdracht om een huis of een stuk grond te zoeken. Deze opdracht kunt u in tijd en geografisch begrenzen |
| Oudedagslijfrente |
Lijfrenteverzekering waarvoor premie-aftrek mogelijk is. Voorwaarde is dat verzekering recht geeft op een levenslange periodieke uitkering (lijfrente), dat deze toekomt aan de verzekeringnemer zelf en dat de uitkering uitsluitend eindigt bij zijn overlijden |
| Ouderenaftrek |
Verhoging van de belastingvrije som beneden een bepaald inkomen voor mensen die op 31 december 1998, 65 jaar of ouder waren |
| Ouderlijke boedelverdeling |
De ouders maken over en weer een testament. Men stelt vast wie wat krijgt. Dit testament geldt alleen bij vererving tussen ouders en (klein)kinderen. |
| Overbruggingskrediet |
Lening om de tijd te overbruggen tussen de aankoop van een ander huis en de verkoop van de oude woning. Daarbij wordt van de overwaarde van het oude huis gebruik gemaakt. Meestal kan voor een beperkte periode een overbruggings-krediet worden afgesloten. |
| Overbruggingslijfrente |
Lijfrenteverzekering waarvoor premie-aftrek mogelijk is. Voorwaarde is dat verzekering recht geeft op een periodieke uitkering (lijfrente) die eindigt -behoudens eerder overlijden- in het jaar waarin de verzekeringnemer 65 jaar wordt of waarin hij met pensioen gaat. De uitkering mag in principe niet meer bedragen dan 121.464,- per jaar (tarief 1999) of 123.529,- per jaar (tarief 2000) |
| Overdracht basisaftrek |
Als een partner geen inkomen heeft, of een inkomen dat lager ligt dan de basisaftrek, kan de basisaftrek worden overgedragen aan de (meer) verdienendePartner. Een gedeeltelijke overdracht van de basisaftrek is niet mogelijk. |
| Overdrachtsakte |
De akte die door de notaris wordt opgemaakt bij de koop en verkoop van onroerende zaken. Deze akte wordt geregistreerd bij het Kadaster. De notariskosten zijn per 1-10-1999 binnen een marge onderhandelbaar. |
| Overdrachtsbelasting |
Deze belasting (6%) wordt geheven bij verkoop van bestaande onroerende zaken. Meestal niet inbegrepen in de koopsom. |
| Overhevelingstoeslag |
Sinds 1990 moet een werknemer bepaalde premies betalen die daarvóór de werkgever voor zijn rekening nam. Om dit mogelijk te maken krijgt hij een toeslag op zijn loon. |
| Overlijdensrisicoverzekering |
Verzekering die tot uitkering komt bij overlijden, waardoor de hypotheekschuld geheel of gedeeltelijk kan worden afgelost en de nabestaande(n) in het huis kunnen blijven wonen. Soms wordt een orv door de geldverstrekker verplicht gesteld |
| Overmaat |
Er wordt meer grond geleverd dan is overeengekomen. Meestal is in de koopakte vermeld dat de over- of ondermaat van de grond (tot een zekere grens) niet wordt verrekend. |
| Overmacht |
Men kan niet voldoen aan zijn (contractuele) verplichtingen door een voorval dat zich buiten zijn schuld en/of risico voordoet. |
| Overnamebeding |
Een mede-eigenaar krijgt bij overlijden van de andere eigenaar het recht om het aandeel van de ander(en) in de gezamenlijke eigendommen over te nemen. |
| Oversluiten |
Als de dagrente flink wat lager is dan de rente waartegen een hypotheek is afgesloten, lijkt het aantrekkelijk een nieuwe hypotheek af te sluiten tegen die lagere dagrente. De meeste banken hanteren hierbij echter ongunstige boeteclausules, de zgn. `contante waarde van het renteverschil` |
| Oversluitprovisie |
Provisie die banken in rekening brengen bij het opnieuw afsluiten van een hypotheek (tegen een lagere rente). Als een hypotheek in een andere vorm wordt omgezet, spreekt men van omzettingskosten. |
| Overstapfaciliteit |
Sommige hypotheekverstrekkers bieden de mogelijkheid om gedurende het eerste jaar of de eerste twee jaren een hypotheek met variabele rente om te zetten in een hypotheek met een rentevaste periode, of om een korte rentevaste periode om te zetten in een langere |
| Overwaarde |
Het verschil tussen de vrije verkoopwaarde van een huis en de restschuld van de hypotheek. Als u geld wilt bijlenen, gaat de geldverstrekker bij de bepaling van de overwaarde niet uit van de vrije verkoopwaarde maar van de executiewaarde |
| P-biljet |
Uitgebreid aangiftebiljet voor particulieren |
| PM |
Pro memorie, ter herinnering. Wordt vaak gebruikt bij begrotingen of kostenramingen als (nog) geen uitsluitsel bestaat over de kosten. |
| Pandrecht |
Een beperkt recht op niet-registergoederen teneinde daarop bij voorrang een vordering te verhalen. |
| Partnerconstructie |
Niet de bank is eerste begunstigde van de uitkering uit de levensverzekering, maar de overblijvende partner. Daarmee wordt voorkomen dat de erfgenamen (een deel van) de waarde van de woning opeisen. |
| Partnerpensioen |
Pensioen dat de partner krijgt na overlijden van degene die het pensioen heeft opgebouwd. |
| Partnerregistratie |
Ongehuwden kunnen zich formeel alsPartners laten regi-streren. Dit heeft -op enkele uitzonderingen na- dezelfde gevolgen als een huwelijk |
| Passeerdatum |
Datum waarop de akte bij de notaris passeert |
| Passeren |
Dit is d formele handeling waarbij een akte bij de notaris door alle partijen wordt ondertekend. De verkoper en geldverstrekker tekenen veelal per volmacht. Zo hoeven zij niet op het werkelijke moment van passeren bij de notaris aanwezig te zijn. |
| Perceel |
Bij het Kadaster geregistreerd stuk grond, inclusief alle bebouwing |
| Persoonlijk inkomen |
De inkomsten uit arbeid, verminderd met de reis- en beroepskosten. Bij gehuwden wordt dit inkomen gebruikt om te bepalen wie bepaalde inkomsten en aftrekposten moet aan-geven. De echtgenoot met het hoogste persoonlijke arbeidsinkomen geeft de niet-persoonlijke inkomsten en aftrekposten van beide echtgenoten samen aan |
| Planschade |
Schade die een eigenaar van grond of gebouwen lijdt in verband met planologische wijzigingen. De eigenaar kan voor schadevergoeding in aanmerking komen. |
| Positieve/negatieve hypotheekverklaring |
Onderhandse akte die op eerste verzoek van de geldverstrekker kan worden omgezet in een hypotheekakte. De akte kan als basis dienen voor een overbruggingsrekening courant krediet |
| Precariorechten |
1. het recht om balkons, enz. boven de openbare grond te hebben. 2. het recht om openbare grond tijdelijk te mogen gebruiken, bijvoorbeeld in verband met een verbouwing |
| Prefabbouw |
Zoveel mogelijk onderdelen van het huis worden in de fabriek gemaakt en op de bouw gemonteerd. Daardoor wordt de bouwtijd verkort. |
| Preferente crediteuren |
Schuldeisers die een voorrecht hebben op alle of bepaalde goederen bij een faillissement, bijvoorbeeld de fiscus. |
| Premiedepot |
Geblokkeerde rekening, waarui automatisch premiebetalingen voor verzekeringen worden gedaan. |
| Premiedepot |
Geblokkeerde (spaar)rekening van waaruit automatisch premies worden gestort, bijvoorbeeld ten behoeve van de meeverbonden levensverzekering van een spaarhypotheek of andere levenhypotheek. |
| Premiekoopwoning |
Ook wel: sociale koopwoning. Koopwoningen met een meerjarige subsidie. Voorheen premie A- of premiekoopwoning |
| Premievrijmaking |
De afkoop van een lopende levensverzekering, waardoor de verplichting tot betaling van premie eindigt. Op hetzelfde moment wordt een nieuwe verzekering met dezelfde inhoud afgesloten, maar voor een lager verzekerd bedrag. |
| Premiewoning |
Woning waarbij de koper een eenmalige belastingvrije bijdrage van de overheid ontvangt |
| Prestatie-eis |
Een in maten of getallen uitgedrukt voorschrift m.b.t. een eigenschap van een bouwconstructie of -onderdeel. |
| Presteren |
Voldoen aan overeengekomen verplichtingen |
| Privé-bezit |
Bij ongehuwd samenwonenden is er sprakeVan gemeenschappelijk bezit en van privé-bezit. Privé-bezit is uitsluitend datgene dat men zelf gekocht en betaald heeft en waarvan het duidelijk is dat het niet voor gemeenschappelijk gebruik was bestemd. |
| Privé-clausule |
Een erflater of schenker bepaalt dat de erfenis of schenking niet in de gemeenschap van goederen valt van de erfgenaam of begiftigde. De clausule wordt ook wel uitsluitingsclausule genoemd. |
| Pro memorie (PM) |
Ter herinnering. Wordt vaak gebruikt bij begrotingen of kostenramingen als (nog) geen uitsluitsel bestaat over de kosten |
| Pro resto hoofdsom |
Schuldrest, het gedeelte van de oorspronkelijke lening dat nog openstaat na aftrek van alle gedane aflossingen op de hypotheek |
| Procescertificaat |
Document waarin wordt verklaard dat werkzaamheden voldoen aan bepaalde specificaties |
| Productcertificaat |
Verklaring dat een product voldoet aan bepaalde technische specificaties. Deze zijn vaak vastgelegd in een norm (bijvoorbeeld NEN, zie aldaar) of in een attest |
| Programma van eisen |
Voordat men een ontwerp maakt, worden eerst alle wensen en eisen omschreven waaraan het huis moet voldoen. |
| Projectaanbieding |
Bij nieuwbouw bieden banken soms hypotheken aan op gunstiger condities dan normaal. Er worden dan bijvoorbeeld rentekortingen verleend voor de eerste rentevaste periode, de afsluitprovisie is lager, enz. |
| Publieke werken |
Ook wel: Openbare Werken. Gemeentelijke dienst die zich bezighoudt met bouwwerken, bruggen, grondmechanica, riolering, gereedmaken van terreinen, wegen en beplantingen |
| Raad van Arbitrage voor de Bouwbedrijven in Nederland |
Instantie die in de meeste koop-/aannemingsovereenkomsten bevoegd is verklaard om geschillen tussen de bouwondernemer en de consument te beslechten |
| Raad van State |
Instantie die de regering adviseert over alle wetsontwerpen en algemene maatregelen van bestuur en die betrokken is bij Kroonberoep. Bij de afdeling Bestuursrechtspraak dienen procedures tussen burgers en overheid(sinstellingen). |
| Recht van opstal |
Recht om bijvoorbeeld een woning te hebben op de grond van een ander. |
| Rechtsbijstandverzekering |
Dekt de proceskosten en de kosten van juridische en andere deskundige bijstand in gevallen die in de polisvoorwaarden zijn genoemd. |
| Referentiebestek |
Modelbestek waarvan de indeling en omschrijving als voorbeeld kunnen dienen. |
| Regie |
Werkzaamheden worden opgedragen voor een vast bedrag per uur. De eindprijzen staan dus niet van tevoren vast. De rekeningen van toeleveranciers worden apart opgevoerd. |
| Registergoed |
Een goed dat volgens de wet moet worden ingeschreven in bepaalde registers: grond, huizen, schepen, vliegtuigen. Door de inschrijving kan iedereen zien aan wie het toebe-hoort en of er een ander zakelijk recht (bijvoorbeeld een hypotheek) op rust. |
| Regresrecht |
Recht om terug te vorderen wat iemand heeft betaald voor een ander, bijvoorbeeld voor een hoofdelijke medeschuldenaar |
| Rekenrente |
De rente die eenVerzekeringsmaatschappij op haar beleggingen verwacht te kunnen behalen. Deze rente is van belang omdat verzekeringsmaatschappijen de ontvangen premies plegen te beleggen. Bij de bepaling van de hoogte van de premie wordt rekening gehouden met de rekenrente. Als het rendement op de beleggingen hoger is dan de rekenrente, ontstaat een voordeel voor de verzekeringsmaatschappij |
| Rekenvergoeding |
Aannemersvergoeding voor het calculatiewerk bij een offerte. Het is verstandig om vóór het laten uitbrengen van een offerte schriftelijk vast te leggen dat voor het calculatiewerk en voor de offerte geen kosten in rekening worden gebracht |
| Rente bijschrijven |
Bij ruime overwaarde kan men soms overeenkomen om met aflossen op de hypotheek te stoppen en bovendien de rente bij de schuld te laten bijschrijven |
| Rente bijschrijven |
Bij ruime overwaarde kan men soms overeenkomen om met aflossen op de hypotheek te stoppen en bovendien de rente bij de schuld te laten bijschrijven |
| Rente tijdens de bouw |
Als men een nieuw huis laat bouwen wordt er in termijnen betaald. Eerst de grond en vervolgens naarmate de bouw vordert de resterende termijnen. De hypotheek wordt op het moment van aankoop voor het gehele bedrag afgesloten en in depot gezet. De termijnen worden uit het depot opgenomen. Over het depot krijgt men een rentevergoeding. Deze is soms lager dan de hypotheekrente die moet worden betaald over de opgenomen bedragen. |
| Rente-opslag |
Verhoging bovenop het normale rentetarief als meer wordt geleend dan (bij de meeste geldverstrekkers) circa 75% van de executiewaarde van het huis. Vaak is de opslag hoger naarmate meer wordt geleend ten opzichte van de genoemde grens. De opslag geldt niet voor hypotheken met Nationale Hypotheek Garantie |
| Rentebedenktijd |
Bij veel hypotheken heeft men bij aanvang één of twee jaren de vrije keuze om te bepalen op welk moment de rente wordt vastgezet voor een nieuwe periode. Soms is er ook rentebedenktijd steeds vanaf één of twee jaar voordat een rentevaste periode afloopt. |
| Rentefixatieperiode |
Ook wel: rentevaste periode. Bij het afsluiten van een hypotheek wordt de rente voor een bepaalde periode vastgezet, bijvoorbeeld vijf of tien jaar. |
| Rentegarantie |
Hypotheekofferte waarin de aangeboden rente voor een bepaalde periode wordt gegarandeerd, zonder dat bekend is om welke woning het gaat |
| Renteherziening |
Het vooraf overeengekomen tijdstip waarop de rente voor een aangegane lening wordt herzien. |
| Rentemarge |
Het verschil tussen de (gemiddelde) debetrente en creditrente. Deze marge is de voornaamste bron van inkomsten van een bank. |
| Rentemiddeling |
Wanneer tijdens een rentevaste periode de hypotheek om wat voor reden dan ook wordt beëindigd en er wordt een nieuwe hypotheek afgesloten bij dezelfde geldverstrekker, kan die voorstellen om een gemiddelde aan te houden tussen de oude lagere rente en de hogere dagrente. Sommige banken zijn ook bereid via rentemiddeling vervroegd te verlengen. Rente-middeling kan ook aan de orde zijn bij het verhogen van de hypotheek |
| Rentevaste periode |
Bij het afsluiten van een hypotheek wordt de rente voor een bepaalde periode vastgezet, bijvoorbeeld vijf of tien jaar. |
| Rentevrijstelling |
Over eenBepaald bedrag aan ontvangen rente hoeft u geen belasting te betalen |
| Reservefonds |
Fonds met bijdragen van bijvoorbeeld appartementseigenaren voor toekomstige uitgaven, bijvoorbeeld voor groot onderhoud |
| Restantschuld |
Het restant van de schuld van de oorspronkelijke lening na aftrek van alle gedane aflossingen. |
| Restitutie boeterente |
Bij voortijdig aflossen i.v.m. verkoop berekenen hypotheekverstrekkers soms boeterente. Als u een nieuwe hypotheek bij dezelfde bank afsluit, krijgt u die boeterente over het algemeen terug. De nieuwe hypotheek moet u dan meestal binnen drie of zes maanden afsluiten |
| Resultaatverbintenis |
Een overeenkomst waarbij het resultaat van tevoren duidelijk vaststaat. Voorbeeld: opdracht tot het bouwen van een huis |
| Retributie |
Betaling voor overheidsdiensten, verschuldigd in rechtstreeks verband met het gebruik dat men er van maakt. Bijvoorbeeld leges voor een bouwvergunning |
| Revisietekening |
Tekening waarop achteraf exact de afmetingen en het verloop van bijvoorbeeld leidingen worden aangegeven |
| Reële rente |
Het verschil tussen de marktrente en het inflatiepercentage |
| Rijksrekenrente |
Rente die levensverzekeringsmaatschappijen wettelijk moeten vergoeden over het door de verzekerde opgespaarde bedrag (momenteel 4%). Speelt bij een spaarhypotheek geen rol zolang de hypotheekrente hoger is dan 4%, omdat daar een rentevergoeding wordt aangehouden die gelijk is aan het percentage van de overeengekomen hypotheekrente |
| Rioolrecht |
Gemeentelijke heffing om de kosten van onderhoud aan en vervanging van het gemeentelijk rioleringssysteem te dekken |
| Risicopremie |
De premie voor de meeverbonden levensverzekering dient voor een deel om het overlijdensrisico te verzekeren (de `risicopremie`) en voor het overige deel om de aflossing bij elkaar te sparen (de `spaarpremie`). |
| Risicoregeling, -verrekening |
Door de overheid vastgestelde wijze van verrekenen van bepaalde materiaal- en loonkosten na een vooraf bepaalde datum. Risicoverrekening is in de model koop-/aannemings-overeenkomst uitgesloten. |
| Roerende zaken |
Alles wat niet tot de onroerende zaken behoort. |
| RvA |
Ook wel: Raad van Arbitrage, instantie die in de meeste koop-/aannemingsovereenkomsten bevoegd is verklaard om geschillen tussen de bouwondernemer en de consument te beslechten. |
| Salderen van rente |
De betaalde rente aftrekken van de ontvangen rente. Op het positieve saldo is de rentevrijstelling van toepassing. Resteert er een negatief saldo, dan is dat aftrekbare betaalde rente. De betaalde hypotheekrente blijft bij het salderen buiten beschouwing |
| Salderingsregeling |
De betaalde rente aftrekken van de ontvangen rente. Op het positieve saldo is de rentevrijstelling van toepassing. De betaalde hypotheekrente voor de eigen woning blijft bij het salderen buiten beschouwing |
| Samenlevingsovereenkomst |
Overeenkomst tussen twee of meer samenwonenden waarin afspraken zijn vastgelegd over bijvoorbeeld eigendomsverhoudingen, levensonderhoud, pensioenen, enz |
| Saneringscontract |
Overeenkomst dat een huis bewoond mag worden totdat de wijk wordt gesaneerd |
| Scheiding en deling |
De verdeling van bezittingen en schulden die gemeenschappelijk eigendom waren. Tot aan het moment van boedelscheiding is er sprake van `onverdeelde eigendom`. De boedelscheiding kan worden vastgelegd in een akte van scheiding en deling. |
| Schetsplan |
Tekening waarop globaal de vormen en afmetingen zijn aangegeven van plattegronden en gevels. Dient als eerste aanzet voor een ontwerp |
| Schoongrondverklaring |
Juridisch document waaruit blijkt dat geleverde (bouw)grond niet verontreinigd is met één van de stoffen die in de zgn. `leidraad Bodemsanering` worden genoemd. |
| Semi-bungalow |
Bungalow met schuine kap |
| Senioren Thuistest |
Test om te beoordelen of een huis geschikt is om op wat hogere leeftijd in te (blijven) wonen. De test omvat vragen over de woonomgeving, de veiligheid in huis, het gebruiksgemak, de toegankelijkheid en de aanpasbaarheid |
| Serviceflat |
De bewoner kan gebruik maken van centrale voorzieningen en diensten, bijvoorbeeld een huismeester, een maaltijdser-vice, medische zorg, enz. |
| Servicekosten |
De maandelijkse bijdrage die eigenaren van appartementen betalen en die dient voor het onderhoud en het schoonhouden van de gemeenschappelijke ruimten, voor het vormen van reserves, enz. |
| Servituut |
Ook wel: erfdienstbaarheid. Een last waarmee een stuk grond (erf) is belast ten gebruike en ten nutte van een erf dat aan iemand anders toebehoort. Bijvoorbeeld: het recht van overpad |
| Sleutelklaar |
Het huis wordt `sleutelklaar` opgeleverd, d.w.z. dat er in principe niets meer hoeft te gebeuren. Overigens kan de definitie van sleutelklaar opleveren per aanbieder verschillen, bijvoorbeeld: wel of geen wand- of vloerafwerking, enz. Controleer dus wat daar precies onder wordt verstaan |
| Sloopvergunning |
Vergunning die vereist is voor het slopen van een gebouw. Aan deze vergunning zijn voorwaarden verbonden m.b.t. de veiligheid |
| Sociale huursector |
Gesubsidieerde huurwoningen |
| Sociale koopwoning |
Koopwoningen met een meerjarige subsidie. Voorheen premie A- of premiekoopwoning |
| Sondering |
Onderzoek en registratie van de bodemgesteldheid naar draagkracht |
| Souterrain |
Half onder de grond gesitueerde bouwlaag |
| Spaarbeleggingshypotheek |
In de levensverzekering van de hypotheek kan zowel worden gespaard (zoals bij een spaarhypotheek) als worden belegd (zoals bij een beleggingshypotheek). De verhouding tussen beide kan naar keuze worden bepaald. Tijdens de looptijd kan daarin nog verandering worden aangebracht. Geheel sparen (spaarvariant) of geheel beleggen (beleggingsvariant) kan ook. Voor het overhevelen van opgebouwd kapitaal van sparen naar beleggen en andersom, kunnen hoge kosten worden berekend. Zie ook `Levenhypotheek` |
| Spaarhypotheek |
De premie voor de meeverbonden levensverzekering dient voor een deel om het overlijdensrisico te verzekeren (de `risicopremie`) en voor hEt overige deel om de aflossing bij elkaar te sparen (de `spaarpremie`). Over de spaarpremie wordt een rente vergoed die altijd gelijk is aan de overeengekomen hypotheekrente. Er wordt een aflossingskapitaal bijeen gespaard dat op ieder moment even hoog is als de aflossing bij een vergelijkbare annuïteitenhypotheek. Op de einddatum is de beoogde aflossing gegarandeerd bijeen gespaard. |
| Splitlevel woning |
Huis waarbij de vloeren een halve verdiepingshoogte ten opzichte van elkaar verspringen |
| Splitsings(-akte, -reglement, -vergunning |
Verdeling via notariële akte (de splitsingsakte) van het recht op een gebouw in appartementsrechten, die vervolgens afzonderlijk kunnen worden verkocht. Vaak mag alleen worden gesplitst met een vergunning van de gemeente. In veel splitsingsaktes wordt het model splitsingsreglement geheel of gedeeltelijk van toepassing verklaard. Dit model reglement is opgesteld door het notariaat |
| Staat van baten en lasten |
Overzicht van opbrengsten (inkomsten) en kosten (uitgaven) over het afgelopen boekjaar, ook wel de exploitatierekening genoemd |
| Stadsvernieuwingsfonds |
Gemeentelijk of provinciaal fonds, waarin geldelijke steun van de rijksoverheid wordt ondergebracht |
| Standaard Referentiebestek Woningbouw |
Uitgebreide checklist voor het opstellen van een bestek, compleet met alle voorwaarden en bepalingen t.a.v. gesubsidieerde woningbouw |
| Standaard Voorwaarden Rechtsverhouding opdrachtgever-archite |
Weinig consumentvriendelijke regeling van de rechtsverhouding tussen architect en opdrachtgever. Laatstelijk herzien in 1997 |
| Statuten |
Voorschriften van een rechtspersoon |
| Stichting Garantie- en Waarborgfonds Nederland |
Waarborg met aan de GIW-regeling vergelijkbare verzekering die een particuliere opdrachtgever kan afsluiten als de aannemer niet is aangesloten bij het GIW |
| Strekkende meter (m¹) |
Een lengte van 1 meter, ongeacht de breedte. O.a. vloerbedekking wordt meestal verkocht per strekkende meter. Als de rol dan bijvoorbeeld 4 meter breed is, koopt u voor 10 m¹ (10 strekkende meter) 4 x 10 = 40 m² vloerbedekking (vierkante meter). Ook buizen, enz. gaan per strekkende meter |
| Subjectsubsidie |
Subsidie, verstrekt aan en op grond van de kenmerken van een bepaalde persoon. Voorbeeld: de individuele huursubsidie |
| Subsidie bij aankoop huurwoning (koopgewenningsbijdrage) |
Vanaf 1-10-1997 kunnen mensen die een huurwoning kopen een subsidie krijgen om te wennen aan de in het begin hogere woonlasten. De woningen moeten minimaal één jaar verhuurd zijn geweest. De regeling heeft terugwerkende kracht tot 23 mei 1997 en is bedoeld voor mensen met lage en middenin-komens, die voor het eerst een huis kopen |
| Successierechten |
Bij overgang van eigendom door overlijden of schenking moet de opvolgen-de (successievelijke) eigenaar belasting betalen |
| Successiewet |
Regelt de fiscale gevolgen bij vererving of schenking |
| Suite (kamer en suite) |
Twee of drie kamers achter elkaar, verbonden door een doorgang tussen kasten en/of schouwen en meestal gescheiden via schuifdeuren. Populaire bouwwijze bij vooroorlogse huizen. |
| SysteemBouw |
Men bouwt volgens een bepaald systeem, bijvoorbeeld betonelementenbouw, stapelbouw, houtskeletbouw, enz. |
| Taxatie |
Het vaststellen van de waarde. . |
| Taxatierapport |
Het rapport dat wordt opgesteld na taxatie. |
| Technische omschrijving |
Verkorte opsomming van te verwerken materialen, al dan niet met omschrijving van de kwaliteit, maar zonder de bepalingen ten aanzien van het uitvoeren. Kan de basis vormen van het contract tussen aanbesteder (koper) en aannemer (bouwer). |
| Technische ruimte |
Besloten ruimte, bestemd voor de plaatsing van apparatuur en/of installaties |
| Testament |
Men benoemt een rechtspersoon of natuurlijk persoon als erfgenaam via een testament. Zonder testament geldt het in de wet vastgelegde erfrecht. Men kan ook immateriële zaken regelen via een testament, zoals het benoemen van een voogd voor kinderen. |
| Testament op de langst levende |
Testament waarbij de ouders over en weer de langstlevende tot erfgenaam benoemen. Beide ouders maken dus zo`n testament. De andere erfgenamen kunnen hun erfdeel in beginsel pas opeisen na overlijden van de langstlevende ouder. |
| Testateur |
Erflater die een testament maakt of heeft gemaakt |
| Tijdelijke oudedagslijfrente |
Lijfrenteverzekering waarvoor premie-aftrek mogelijk is. Voorwaarde is dat verzekering recht geeft op een periodieke uitkering (lijfrente) die niet eerder ingaat dan in het jaar waarin de verzekeringnemer 65 jaar wordt of waarin hij met pensioen gaat. De uitkering moet minimaal gedurende 5 jaar worden uitbetaald en mag in principe niet meer bedragen dan 36.442,- per jaar (tarief 1999), of 37.062,- per jaar (tarief 2000). Zie ook `Lijfrentever-zekering` |
| Toerekenbare tekortkoming |
Een partij komt zijn contractuele verplichtingen niet (geheel) na. Tot enige jaren geleden sprak de wet van wanprestatie |
| Tophypotheek |
Indien er geen sprake is van Nationale Hypotheek Garantie, er is een voldoende hoog (toekomstig) inkomen, en het huis vertegenwoordigt voldoende waarde, bestaat vaak de mogelijkheid een extra hoge hypotheek af te sluiten. Men kan dan een hypotheek krijgen tot bijvoorbeeld 100% of 125% van de executiewaarde. De bank vraagt voor een tophypotheek een hogere rente. Deze hogere rente wordt meestal geheven over de hele lening i.p.v. uitsluitend over de top. De totale `topopslag` kan oplopen tot 0,5%. Soms bestaat de verplichting om de top versneld af te lossen. |
| Topopslag |
Indien er geen sprake is van Nationale Hypotheek Garantie, er is een voldoende hoog (toekomstig) inkomen, en het huis vertegenwoordigt voldoende waarde, bestaat vaak de mogelijkheid een extra hoge hypotheek af te sluiten. Men kan dan een hypotheek krijgen tot bijvoorbeeld 100% of 125% van de executiewaarde. De bank vraagt voor een tophypotheek een hogere rente. Deze hogere rente wordt meestal geheven over de hele lening i.p.v. uitsluitend over de top. De totale `topopslag` kan oplopen tot 0,5%. Soms bestaat de verplichting om de top versneld af te lossen. |
| Toprente |
Indien er geen sprake is van Nationale Hypotheek Garantie, er is een voldoende hoog (toekomstig) inkomen, en het huis vertegenwoordigt voldoende waarde, bestaat vaak de mogelijkheid een extra hoge hypotheek af te sluiten. Men kan dan een hypotheek krijgen tot bijvoorbeeld 100% of 125% van de executiewaarde. De bank vraagt voor een tophypotheek een hogere rente. Deze hogere rente wordt meestal geheven over de hele lening i.p.v. uitsluitend over de top. De totale `topopslag` kan oplopen tot 0,5%. Soms bestaat de verplichting om de top versneld af te lossen |
| Traditioneel gebouwde huizen |
Woningen die op de bouwplaats worden gemetseld. Ook bij traditionele bouw kan gebruik worden gemaakt van prefab wanden, kozijnen, vloeren, enz. |
| Traditionele levenhypotheek |
De levensverzekering die aan de hypotheek is verbonden, levert meestal veel onduidelijkheid op: over de samenstelling van de premie, over het rendement dat wordt vergoed en over de (meestal hoge) kosten die worden ingehouden op het rendement, het spaarkapitaal en op de eventuele afkoopwaarde bij tussentijdse beëindiging. De `vereniging eigen huis` beschouwt dit als een achterhaalde hypotheekvorm. Zie ook `Levenhypotheek` |
| Tranches |
Voor de fiscale aftrek van een lijfrentepremie of -koopsom gelden verschillende tranches. De eerste tranche (de basisaftrek) geldt voor iedere belastingplichtige en bedraagt 6.075.,- per jaar per persoon. Voor gehuwden: 12.150,- (tarieven 1999), of 6.179,- per jaar per persoon. Voor gehuwden: 12.358,- (tarieven 2000). De tweede en derde tranche komen alleen in aanmerking indien er sprake is van een tekort in de pensioenopbouw. Hiervoor geldt een groot aantal criteria. De vierde en vijfde tranche gelden voor ondernemers. Zie ook `Lijfrenteverzekering` |
| Transportakte |
Dit is de akte die de overdracht van de onroerende zaken regelt, deze akte wordt bij de notaris opgemaakt en ondertekend. |
| Travee |
Breedte-eenheid die wordt gebruikt bij het ontwerpen van woningen. Het is de horizontale afstand tussen twee dragende wanden |
| Turn key |
Ook wel: sleutelklaar. Het huis wordt `sleutelklaar` opgeleverd, d.w.z. dat er in principe niets meer hoeft te gebeuren. Overigens kan de definitie van sleutelklaar opleveren per aanbieder verschillen, bijvoorbeeld: wel of geen wand- of vloerafwerking, enz. Controleer dus wat daar precies onder wordt verstaan. |
| Twee-onder-één-kap-woning |
Aan één kant is het huis aangebouwd aan een ander huis. De woonkamers kunnen tegen elkaar liggen, of de entree met gang en keuken (beter i.v.m. geluidsoverlast). Halfvrijstaand is een verkoopterm, waarmee alleen maar wordt uitgedrukt dat het huis aan één kant niet aan een ander huis grenst. De bouwwijze en/of indeling kan precies gelijk zijn aan die van rijtjeshuizen |
| Tweede hypotheek |
Bij voldoende overwaarde kunt u een tweede hypotheek op uw woning nemen om bijvoorbeeld extra geld voor een verbouwing vrij te maken. |
| Tweede oplevering |
In de model koop-/aannemingsovereenkomst is er sprake van slechts één oplevering. Op dat moment moet het huis `geheel gereed voor bewoning` zijn. Dit contract voorziet niet in een tweede oplevering. Het is dan ook niet verstandig te wachten met het uiten van klachten tot de tweede oplevering. Als u tijdens de bewoning gebreken, tekortkomingen of afwijkingen van de technische omschrijving/tekening vaststelt, dan is het raadzaam uw con-tractpartij direct schriftelijk te verzoeken om daar wat aan te doen |
| Tweeverdienershypotheek |
Regeling binnen de Nationale Hypotheek Garantie op grond waarvan het tweede inkomen geheel of gedeeltelijk kan meetellen bij het bepalen van het maximaal te lenen bedrag |
| UAV |
Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken. Deze voorwaarden zijn door gebruik van de model koop-/aannemingsovereenkomst in de relatie consu-ment/bouwondernemer sterk op de achtergrond geraakt. De UAV worden nog wel toegepast bij het (laten) bouwen van een huis wanneer voor een consument een directievoerend architect optreedt die onder meer toezicht houdt op de bouw |
| Uitgestelde lijfrente |
Toekomstige periodieke uitkering op basis van een lijfrenteverzekering die ingaat op een vooraf overeengekomen datum, bijvoorbeeld op het moment van pensionering. Zie ook `Lijfrenteverzekering` |
| Uitritvergunning |
Voor de toegang vanaf een bouwkavel naar de openbare weg is een gemeentelijke vergunning vereist. |
| Uitsluitingsclausule |
Ook wel: privé-clausule. Een erflater of schenker bepaalt dat de erfenis of schenking niet in de gemeenschap van goederen valt van de erfgenaam of begiftigde. De clausule wordt ook wel uitsluitingsclausule genoemd. |
| Uitstelrente |
Begrip uit de model koop-/aannemingsovereenkomst. Als men een nieuw huis laat bou-wen wordt dit in termijnen betaald. Eerst de grond en vervolgens (naarmate de bouw vordert) de resterende termijnen. Zolang de eigendomsoverdracht van de grond nog niet heeft plaatsgevonden, heeft de koper recht op uitstel van betaling van de grond- en bouwtermijnen. Over dit uitstel van betalen wordt door de bouwer wel rente in rekening gebracht. De uitstelren-te wordt berekend over: - de grondkosten vanaf de `per-datum` tot aan de datum van eigendomsoverdracht (grond-rente); - de vóór het sluiten van de overeenkomst reeds vervallen termijnen van de aan-neem-som vanaf de `per-datum` tot aan de datum van eigendomsoverdracht; - de overige termijnen van de aanneemsom vanaf de `vervaldatum` tot aan de datum van eigendomsoverdracht. De uitstelrente over de termijnen van de aanneemsom is fiscaal aftrekbaar. Dat geldt ook voor de uitstelrente (incl. BTW) over de grondkosten |
| Uitwinning |
Een vordering verhalen op de goederen van een schuldenaar |
| Unanieme meerderheid van stemmen |
Toestemming van alle aanwezige stemgerechtigden |
| Utiliteitsgebouw |
Gebouwen als kantoren, scholen, fabrieken, kazernes, ziekenhuis e.d. |
| V.o.n. |
Ook wel: vrij op naam. De wettelijk te maken kosten zijn inbegrepen in de koopsom. Het betreft hier de BTW of overdrachtsbelasting, de kadastrale kosten en de notariskosten voor de transportakte. |
| VECIBIN |
Vereniging van certificatie-instellingen in de bouw in Nederland. Aangesloten zijn Bureau Dak Advies, BV Kwaliteitsverklaringen Bouw, KIWA, BMC (Keurings- en Certificeringsin-stituut), IKOB (Stichting Instituut voor Keuring en Onderzoek van Bouwmateria-len), Stichting Kwaliteitscentrum Gevelelementen, Stichting Keuringsbureau Hout, INTRON (Instituut voor materiaal- en milieu- onderzoek) en VEG (Vereniging Erkenningsregeling voor het Glaszetbedrijf). De aangesloten instellingen keuren op verzoek van de fabrikant/ leverancier bouwmaterialen en verstrekken op basis hiervan certificaten |
| VROM |
Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer |
| Variabele rente |
Men komt geen rentevaste periode overeen bij het aangaan van een hypotheek maar betaalt steeds de dan geldende rente voor nieuw af te sluiten hypotheken. De variabele rente kan per dag, per maand, per kwartaal of per half jaar achteraf of vooraf worden vastgesteld |
| Verbindend verklaren |
Een rechter of beStuur verklaart dat een regeling algemeen geldt. |
| Verbintenis |
Term die een juridische relatie tussen twee partijen aangeeft. Wie een huis koopt, gaat via een koopovereenkomst een verbintenis aan met de verkoper. De koper verbindt zich er onder andere toe om te betalen, de verkoper om te leveren. |
| Verblijfsruimte |
In een gebouw gelegen ruimte, bestemd voor het verblijven van mensen. De term is ingevoerd in het Bouwbesluit om de diverse vertrekken te kunnen onderscheiden, bijvoorbeeld t.o.v. verkeersruimte. |
| Verblijvingsbeding |
Ongehuwd samenwonenden die tevens samen eigenaar van een huis zijn, kunnen via een verblijvingsbeding elkaar hun aandeel in de woning toedelen. Daarmee wordt voorkomen dat, bij overlijden van één van de partners, de langstlevende partner door erfgenamen uit de woning wordt gezet |
| Verborgen gebreken |
Gebreken die redelijkerwijze niet eerder konden worden geconstateerd |
| Verbouwingsovereenkomst 1998 |
Volgens het model opgesteld door de `vereniging eigen huis` en het Nederlands Verbond van Ondernemers (NVOB), met de mogelijkheid van toepassing van Bouwgarant |
| Vereniging Bemiddelaars Onroerende zaken (VBO) |
Circa 1.000 professionele bemiddelaars zijn hierbij aangesloten. Men werkt volgens een met de NVM-makelaars vergelijkbaar systeem, inclusief een geschillencommissie, enz. Een VBO-bemiddelaar kan makelaar zijn, maar de meesten zijn dit niet. |
| Vereniging van appartementseigenaren (VVE) |
Een appartementseigenaar is automatisch lid van de vereniging van eigenaren. De vereniging behartigt de belangen van de gezamenlijke eigenaren. De vereniging voert het beheer over de gemeenschappelijke zaken, gedeelten en financiën |
| Vergadering van de vereniging van appartementseigenaren |
De vergadering heeft de hoogste macht binnen de vereniging. Aan de vergadering komen alle bevoegdheden toe die niet door de wet of de statuten aan een ander orgaan zijn opgedragen |
| Vergoeding |
Begrip uit de model koop-/aannemingsovereenkomst, waarmee wordt geduid op de extra kosten die de bouwer in rekening kan brengen over: a. grondkosten; dit bedrag wordt berekend vanaf een in de overeenkomst genoemde datum tot aan de eigendomsoverdracht en is fiscaal niet aftrekbaar en BTW- belast. b. op de `per-datum` reeds in het werk gerealiseerde termijnen van de aanneemsom; dit bedrag wordt berekend vanaf de veertiende dag nadat de betreffende fase in het werk is voltooid tot de `per-datum`. Deze vergoeding is niet fiscaal aftrekbaar en BTW belast. Men spreekt ook wel van financieringsvergoeding. |
| Vergunningsplichtig bouwwerk |
Bouwwerk waarvoor een gemeentelijke bouwvergunning nodig is |
| Vergunningsvrij bouwwerk |
Bouwwerk waarvoor geen bouwvergunning en ook geen melding nodig is. Er mag zonder toestemming van de gemeente worden gebouwd. |
| Verhuisgeneigdheid |
Wordt gemeten via de vraag of men binnen twee jaar denkt te verhuizen. Men kan daar op antwoorden in termen als `zeker`, `waarschijnlijk`, `eventueel` en `zeker niet` |
| Verificatievergadering |
Vergadering bij een faillissement. Tijdens deze vergadering wordt de definitieve verdeling van de vorderingen op de boedel tussen de schuldeisers vastgesteld |
| Verkeersruimte |
Dient voor het bereiken van een andere ruimte. Zie verblijfsruimte |
| Verklaring van afstand |
Voordat u een aannemer een offerte laat uitbrengen kunt u zo`n verklaring opmaken. Daarin kan staan dat u vooralsnog niet met een ander zult onderhandelen, dat de aannemer geen vergoeding voor zijn rekenwerk vraagt, enz. |
| Verklaring van eensluidendheid |
Partijen verklaren dat zij akkoord gaan met de akte van scheiding en deling |
| Verklaring van erfrecht |
Erfgenamen moeten toegang hebben tot de erfenis om lopende zaken af te wikkelen. Dit kan via een verklaring van de notaris dat zij erfgenaam zijn. Als er meerdere erfgenamen zijn, zijn die uitsluitend gezamenlijk bevoegd, tenzij er sprake is van een boedelvolmacht |
| Verklaring van geen bezwaar |
Voor een bouwplan wordt aan Gedeputeerde Staten vrijstelling gevraagd op het bestemmingsplan, vooruitlopend op een komend bestemmingsplan. Gedeputeerde Staten kan een `verklaring van geen bezwaar` afgeven. Dit is opgenomen in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening |
| Verkoop onder voorwaarden |
Woningverkoop waarbij meestal een korting op de koopprijs wordt gegeven in ruil voor een winstdeling bij latere verkoop. Er kan sprake zijn van andere voorwaarden en gekoppelde voorzieningen ten behoeve van de koper, bijvoorbeeld een terugkoopgarantie of een collectieve voorziening voor onderhoud |
| Verkrijgingskosten |
De totale kosten van het in eigendom verkrijgen van een huis, d.w.z. de aankoopprijs inclusief alle bijkomende kosten. Denk aan de kosten van verhuizing en inrichting. En eventueel: kosten voor aanleg van de tuin en verbouwing en verbetering van het huis. |
| Verletkosten |
Inkomen of opbrengsten die u mist omdat u afwezig bent in verband met een procedure. |
| Vermogensbelasting |
Moet worden betaald als het vermogen groter is dan de geldende vrijstellingen. De overwaarde van een eigen huis maakt deel uit van het vermogen |
| Verontreinigingsheffing |
De heffing die de waterschappen opleggen aan de huishoudens om de kosten voor de zuivering van het oppervlaktewater te dekken |
| Verordening |
Voor burgers algemeen bindende regeling, vastgesteld door bijvoorbeeld een gemeenteraad |
| Verrekenbeding |
Als er sprake is van huwelijksvoorwaarden kunnen echtgenoten afspreken dat zij bepaalde waarden of inkomsten zullen verrekenen |
| Vertoogschrift |
Op schrift gestelde bezwaren tegen de standpunten van de andere partij in een gerechtelijke procedure |
| Vertragingsrente |
Als u bouwtermijnen te laat betaalt, kan de bouwer u rente in rekening brengen |
| Vertragingsschade |
Schadevergoeding voor iedere termijn (dag, week, enz.) dat een contractpartij langer in gebreke blijft. |
| Vervangingsschade |
Schadevergoeding ter grootte van de oorspronkelijke prestatie die volgens een overeenkomst moest worden geleverd |
| Vervreemden |
Van eigenaar doen verwisselen. Dit is een ruimer begrip dan verkopen, men kan zaken bijvoorbeeld ook ruilen of schenken |
| Verwerking van rechten |
Men verspeelt een recht, waarop men oorspronkelijk aanspraak kon maken. Dit omdat bijvoorbeeld de redelijke termijn van bezwaar maken ruimschoots is overschreden. Of men al dan niet zijn rechten heeft verwerkt is ter beoordeling van de rechter |
| Verwerpen |
Een erfenis hoeft men niet te aanvaarden, men kan die ook afwijzen. Dit moet dan voor de gehele erfenis gelden, men kan die niet gedeeltelijk verwerpen |
| Verwervingskosten |
De bijkomende kosten (naast de aankoopsom) bij de koop van een huis. De verwervingskosten bestaan onder andere uit de financieringskosten en de overdrachtsbelasting (bestaand huis), eventueel meerwerk en rente tijdens de bouw (nieuwbouwhuis). |
| Verzekerd kopen |
Keurmerk dat in ontwikkeling is en dat garanties moet bieden aan de kopen van een woning. Het doel is vooral om de risico`s van een eigen woning voor lagere inkomensgroepen te beperken |
| Verzoekschrift |
Schriftelijk verzoek aan een rechterlijk college of een geschillencommissie om een uitspraak |
| Vierkante meter (m²) |
Oppervlaktemaat, 1 meter lengte x 1 meter breedte |
| Voetverklaring |
In een gebied waar de Wet Voorkeursrecht Gemeenten geldt, moeten verkopers hun huis eerst aan de gemeente aanbieden. Notarissen verklaren onder aan de akte (aan de voet) dat deze verplichting niet van toepassing is, dan wel dat er aan is voldaan. |
| Volle eigendom |
Ook wel: onbezwaard eigendom. Eigendom dat niet is belast met enig recht, zoals bijvoorbeeld een hypotheekrecht, een huurrecht |
| Volmacht |
Meestal schriftelijke verklaring dat iemand een ander de bevoegdheid geeft om bepaalde (rechts)handelingen voor hem te verrichten. |
| Volstrekte meerderheid van stemmen |
Gewone meerderheid, de helft plus één. |
| Vooraftrek van belasting |
Een eigen woningbezitter mag onder andere de hypotheekrente opvoeren als aftrekpost voor de inkomstenbelasting. In de meeste gevallen is het mogelijk de belastingaftrek vooraf te verrekenen, tegelijkertijd met de maandelijkse loonbetalingen. Hiervoor moet men bij de Belastingdienst een loonbelastingbeschikking aanvragen |
| Voorbehoud van vruchtgebruik |
Iemand kan iets verkopen of schenken met het voorbehoud dat hij het (vrucht)gebruik ervan behoudt. Als het om een huis gaat, kan de verkoper of schenker in het huis blijven wonen |
| Voorbereidingsbesluit |
De gemeente verklaart dat een bestemmingsplan voor een bepaald gebied wordt voorbereid. |
| Voorlopig koopcontract |
Misleidende term. Tekent u een voorlopig koopcontract, dan is de koop wel degelijk definitief, behoudens een terecht beroep op een eventuele ontbindende voorwaarde |
| Voorlopige teruggave |
Een eigen woningbezitter mag onder andere de hypotheekrente opvoeren als aftrekpost voor de inkomstenbelasting. Dat leidt meestal tot een belastingteruggave die in plaats van per jaar achteraf ook per maand vooruit kan worden uitbetaald. Men ontvangt dan een voorlopige teruggave rechtstreeks van de Belastingdienst. Eventueel te veel of te weinig terugontvangen belasting wordt achteraf verrekend met de definitieve aanslag inkomstenbelasting |
| Voorlopige voorziening |
MaatregelDie geldt totdat een definitieve beslissing over een geschil is genomen |
| Vrij op naam |
De wettelijk te maken kosten zijn inbegrepen in de koopsom. Het betreft hier de BTW of overdrachtsbelasting, de kadastrale kosten en de notariskosten voor de transportakte. Zie kosten koper |
| Vrij te aanvaarden |
Een huis is minder waard als het bewoond wordt dan wanneer het vrij te aanvaarden is. Dan kan de koper er immers direct zelf in gaan wonen. Vaak wordt 60% van die `vrije verkoopwaarde` aangehouden als `waarde in bewoonde staat` |
| Vrije doorgang |
Een breedte van minimaal 85 cm |
| Vrije eigendom |
Onbezwaard en ongedeelde eigendom |
| Vrije hoogte |
Een hoogte van minimaal 210 cm. |
| Vrije sectorwoning |
Huis waarop geen subsidie wordt verstrekt en waarvoor geen verkoopregulerende bepalingen gelden. |
| Vrije verkoopwaarde |
Waarde van een woning die in volle eigendom (zie aldaar) leeg en onbezwaard (zie aldaar) kan worden overgedragen |
| Vrije vestiging |
Een huisvestingsvergunning is niet nodig |
| Vrijstaand huis |
De woning is niet aangebouwd aan andere huizen of gebouwen en in principe rondom omgeven door tuin |
| Vruchtgebruik |
Een eigenaar staat een ander het gebruik van een goed toe, inclusief de uit het gebruik voortvloeiende opbrengsten |
| Vruchtgebruik-testament |
De verzorging van de langstlevende echtgenoot wordt verzekerd door hem een recht van vruchtgebruik toe te kennen over (een deel van) de nalatenschap en aan de kinderen slechts de blote eigendom daarvan. |
| WOZ |
Ook wel: Wet Waardering Onroerende Zaken. Regelt de waardebepaling en waardevaststelling van alle onroerende zaken in Nederland |
| WVG |
1. Wet Voorkeursrecht Gemeenten, regelt de bevoegdheid van gemeenten om gebieden aan te wijzen waar zij een `eerste recht van koop` hebben in het kader van stads- en dorpsvernieuwing. 2. Wet Voorzieningen Gehandicapten, regelt de bijdragen aan een eigenaar of huurder i.v.m. voorzieningen die een woning geschikt maken voor een gehandicapte. Voor meer informatie kunt u terecht bij uw gemeente |
| Waarborgcertificaat |
Nieuwbouwwoningen worden meestal gebouwd onder garantie, bijvoorbeeld van het Garantie Instituut Woningbouw. Onder die garantie valt een kwaliteitsgarantie en de garantie dat het huis wordt afgebouwd, ook als de bouwondernemer failliet gaat. Gesubsidieerde woningen moeten in principe altijd onder een dergelijke garantie worden gebouwd. De koper heeft recht op afgifte van het waarborgcertificaat. |
| Waarborgfonds Eigen Woningen |
De Garantie en Waarborgregeling is een borg- of garantstelling die door het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) wordt afgegeven voor een hypotheek. Voor het bedrag van de borgstelling kan de koper altijd een hypotheek afsluiten. Het inkomen van de koper, de lening en de woning moeten voldoen aan de normen van het WEW. De aanvraag loopt via de geldverstrekker of de tussenpersoon waar de hypotheek wordt afgesloten. |
| Waarborgsom |
Bij de koop van een bestaand huis kan men overeenkomen dat de koper in afwachting van het transport een bepaald deel van de koopsom (oplopend tot 10%) als waarborg stort bij de notaris |
| Waardegrondslag |
De gemeente moet de waarde van onroerende zaken als basis voor de onroerende zaakbelasting hanteren |
| Waardepeildatum |
De datum waarop de gemeente de waarde van de onroerende zaak heeft vastgesteld voor de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ). Om de vier jaar wordt de waarde opnieuw vastgesteld. IN de tussenliggende periode geldt de waarde van de laatste peildatum |
| Waterschapsheffing |
De waterschappen dragen zorg voor de waterkering (onderhoud en beheer van dijken) en/of de waterhuishouding. Bijna al hun inkomsten ontvangen zij via heffingen, ook wel omslagen genoemd. |
| Wederkerig finaal verrekenbeding |
Beding waarbij echtgenoten na ontbinding van hun huwelijk afrekenen alsof zij in gemeenschap van goederen waren gehuwd |
| Wegneembeding |
Hypotheekbeding waardoor aan de geldlener het recht wordt ontnomen om latere verbeteringen aan de woning weer ongedaan te maken |
| Welstandscommissie |
Dit college beoordeelt een bouwplan ten aanzien van aspecten die met het uiterlijk hebben te maken. De commissie brengt advies uit aan het gemeentebestuur. BW beslist mede op grond van dit advies over de bouwvergunning |
| Werkbare werkdagen |
Aanduiding om de periode aan te geven die nodig is voor de bouw van een huis. Werk-dagen zijn alle dagen waarop normaal gesproken wordt gewerkt, dus exclusief zon- of feestdagen, (bouwvak)vakantie, enz. Omdat de bouw gedurende een bepaalde periode van het weer afhankelijk is, spreekt men van werkbare werkdagen. Men gaat gemiddeld uit van 180 in een jaar. Daarbij is rekening gehouden met het statistisch gemiddelde `onwerkbare weer` |
| Wet Voorkeursrecht Gemeenten |
Regelt de bevoegdheid van gemeenten om gebieden aan te wijzen waar zij een `eerste recht van koop` hebben in het kader van stads- en dorpsvernieuwing |
| Wet Voorzieningen Gehandicapten |
Regelt de bijdragen aan een eigenaar of huurder i.v.m. voorzieningen die een woning geschikt maken voor een gehandicapte. Voor meer informatie kunt u terecht bij uw gemeente |
| Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ) |
Regelt de waardebepaling en waardevaststelling van alle onroerende zaken in Nederland |
| Wet op de Ruimtelijke Ordening |
Geeft voorschriften voor de ruimtelijke ordening (streekplannen, bestemmingsplannen enz.). |
| Wet op de Stads- en dorpsvernieuwing |
Geeft voorschriften enz. m.b.t. behoud, herstel, verbetering of sanering van bebouwde delen van het gemeentelijke grondgebied. |
| Wetsfictiegemeenten |
Voor de Wet Waardering Onroerende Zaken wordt in principe de waarde van onroerende zaken per 1-1-1995 aangehouden. Maar gemeenten die enige jaren daarvoor (1992, 1993 of 1994) de huizen opnieuw hebben getaxeerd, mogen die waarde aanhouden. De wet gaat uit van de fictie (veronderstelling) dat de toen getaxeerde waarde gelijk is aan de waarde per 1-1-1995. De waarde van 1992, 1993 of 1994 wordt overigens voor de inkomens- en vermogensbelasting nog verhoogd met een per gemeente verschillend percentage |
| Wettelijk erfdeel |
Bepaalde personen zijn via de wet aangewezen als erfgenaam, zij zijn `erfgerechtigd`. Bijvoorbeeld: de kinderen en de echtgeno(o)t(e). Sommige erfgerechtigde hebben bovendien recht op een wettelijk vastgelegd minimaal deel van de erfenis, ook al is een deel daarvan al weggeschonken of bij testament vermaakt aan anderen. Dit noemt men de legitieme portie. Kinderen hebben bijvoorbeeld zo`n legitieme portie en kunnen dus nooit helemaal worden onterfd. Een echtgeno(o)t(e) heeft geen legitieme portie en kan dan ook volledig worden onterfd. |
| Wettelijke rente |
Rente die dE schuldeiser in rekening mag brengen wanneer de schuldenaar, ondanks sommatie, nalatig is te betalen. De hoogte van de wettelijke rente wordt periodiek door de overheid vastgesteld en bedraagt sinds 1-1-1998 6%. |
| Winstdeling |
Bij traditionele levenhypotheken spaart men via de premiebetalingen een bedrag waaruit later de hypotheek wordt afgelost. Over dit spaardeel ontvangt de (verzekerings)maatschappij rente. De verzekerde kan hierin meedelen, als de polis tenminste een winstdelingsclausule bevat. |
| Woningdichtheid |
Het aantal woningen per oppervlakte-eenheid, uitgedrukt per hectare. Te onderscheiden in netto woningdichtheid (oppervlakte voor de woningen, tuinen, blokgroen en bijbehorende verharding) en bruto woningdichtheid (daarenboven de oppervlakte voor bebouwde en onbebouwde voorzieningen, zoals parken, scholen, wijkgebouwen). Een woningdichtheid van 25 is laag (villawijk), van 40 is hoog (stedelijk gebied). In binnensteden met veel hoogbouw kan de woningdichtheid oplopen tot 60 woningen/HA |
| Woningverbeteringssubsidie |
In bepaalde gevallen is voor verbeteren van een bestaande woning subsidie te verkrijgen. Inlichtingen kunt u krijgen bij uw gemeente. De gemeente beslist over de toekenning |
| Woningwet |
Geeft voorschriften voor de volkshuisvesting, d.w.z. m.b.t. woningbouw, en de geldelijke steun van gemeente en rijk voor woningbouw |
| Woonlasten |
Alle kosten die het wonen met zich meebrengt, inclusief stookkosten, de kosten voor nutsvoorzieningen , eventuele servicekosten, reserveringen voor onderhoud, onroerende zaakbelasting en verzekeringen |
| Woonzorgcomplexen |
Woonvorm, bedoeld voor ouderen die niet geheel zelfstandig kunnen wonen, maar geen behoefte hebben aan intensieve verzorging, zoals dat in een bejaardenhuis het geval is. De zorg wordt op maat verleend. |
|
|